Voor DAB-mode I wordt de tijdsindeling afgeleid van de DAB 2048 kHz–klokreferentie, wat overeenkomt met een DAB-klokperiode met een duur van 1/2048 kHz = 488,28125 ns oplevert. In DAB-literatuur wordt soms ook 0,48828125 ms vermeld, al dan niet met minder cijfers na de komma, maar de bovenstaande waarde met 8 cijfers na de komma is de juiste en correcte waarde
(Het is geen irrationaal getal waar decimalen blijven doorlopen maar eindigt op de 5).
In de zender gebruikt men een 8 keer hogere frequentie (16,384 MHz), die men deelt door 8 om de gewenste tijdsperiode T van 488,28125 ns te verkrijgen. De oscillator die deze frequentie opwekt, wordt gesynchroniseerd met de 10 MHz-tijdbasis van de atoomklokken in de GPS-satellietconstellatie.
De 1 ms is 2048 ticks, 24 ms 49152 ticks, en 96 ms 196608 ticks van deze klok.
De hoofdoscillator van 16,384 MHz heeft een periode van ongeveer 61 ns. Deze ticks worden dan weer gebruikt om de waarde van het TIST-veld te bepalen!
De volledige tijdsindeling wordt weergegeven in het onderstaande diagram.

